Transities aanjagen doe je niet alleen met je hoofd, maar ook met je hart

19-07-2019 334 keer bekeken 0 reacties

Het OFL kiest een niet-alledaagse aanpak voor het aanjagen van de ingewikkelde transitie die nodig is in het landbouw- en voedselsysteem.

Femke van Bree, secretaris van het OFL en projectleider, vertelt over de eigenzinnige inrichting van het innovatielab Voor de oogst van morgen, dat het OFL samen met samenwerkingspartner Commonland is gestart. De eerste fase, gestart in november 2018, is net afgerond en de labdeelnemers zijn aan de slag met het bouwen van prototypes.

Voor de mensen die nog nooit hebben gehoord van het innovatielab Voor de oogst van morgen: wat is het?
Het innovatielab is een plek waar mensen samenkomen die werkzaam zijn in het landbouw- en voedselsysteem, om waar zij al mee bezig zijn te verbinden met waar anderen mee bezig zijn en te zoeken naar nieuwe synergie. Dat is het in het kort. Het huidige landbouw- en voedselsysteem loopt op allerlei vlakken tegen zijn grenzen aan. Dus het systeem zoals het nu in elkaar zit, heeft geen lange levensduur meer. Die transitie is gaande. Je ziet bijvoorbeeld veel incidenten in de landbouw, dus crisissen, waaraan je merkt dat de maximale veerkracht is bereikt. Wat wij met het innovatielab willen bieden is een container. Een veilige plek om in een zekere beslotenheid met een groep van tachtig deelnemers te werken aan de transitie naar een duurzamer landbouw- en voedselsysteem.

Hoe heb je de deelnemers aan het lab verzameld?
Gedurende een heel jaar voorafgaand aan de lancering van het lab, hebben we voorbereidingen gedaan. We hebben iedereen die is ingestapt uitgebreid gesproken, variërend van anderhalf uur tot soms nog veel langer. Ons uitgangspunt daarbij is telkens geweest: we gaan niet van tevoren afkaderen. We gaan niet zeggen: het gaat alleen maar over grondgebonden landbouw of over het verbeteren van de bodemkwaliteit in Nederland. Daarover gaat het óók, maar we zijn als initiatiefnemers weggebleven van het bepalen van de inhoud. Dat was vaak al een hele mindshift voor potentiële deelnemers. We maakten hen duidelijk dat zij als deelnemers invulling gingen geven aan waar het over gaat in het innovatielab. Ook niet onbelangrijk: dit lab is - eventjes gechargeerd gezegd - puur gebaseerd op luisteren naar elkaar.

Hoe is die aandacht voor luisteren te merken in de praktijk van het lab?
Waar we mee begonnen zijn in november vorig jaar, in de eerste fase, is capaciteit bouwen binnen de groep deelnemers om te kunnen luisteren naar elkaar. Daar blijven we constant mee doorgaan. Niets is zo moeilijk als naar elkaar blijven luisteren, zeker als de verschillen tussen deelnemers groot zijn, want dat zijn ze. De methodiek die we daarvoor gebruiken is die van Theory U, met vier niveaus van luisteren en gesprekken voeren. Op het eerste niveau van luisteren hoor je alleen dat wat je al weet. Alleen datgene wat past bij jouw wereldbeeld, sla je op. Op het vierde niveau kom je in een soort collectieve flow met anderen, waarbij je in staat bent elkaars zinnen af te maken en je ook kunt spreken vanuit de groep als geheel, vanuit het collectief.

Dus je praat en luistert dan niet meer uitsluitend van hoofd tot hoofd, maar...?
Precies, niet meer uitsluitend van hoofd tot hoofd. Je gaat echt verbinding maken en dat doe je over het algemeen niet alleen met je hoofd, maar bijvoorbeeld ook met je hart. Dus er wordt in het innovatielab ook heel veel gedaan met het activeren van de rest van je lichaam. Het activeren van je hart en van je buik, van je gut feeling, om ook die energie te gebruiken in wat je aan het doen bent voor de transitie van het landbouw- en voedselsysteem.

Dat activeren van meer dan alleen het hoofd, hoe doe je dat?
Dat doen we door stil te zijn, soms ook door te bewegen, bijvoorbeeld een yoga-oefening of door te wandelen. Soms ook door een geleide meditatie, waar je in je gedachten en in je lijf op zoek gaat naar je gronding. Dus hoe is je energie? Hoe sta je op de grond, hoe voelt dat? Op die manier zet je eigenlijk iets anders aan in je lichaam, dat je kunt gebruiken in het werken in het lab, maar ook daarbuiten natuurlijk.

Het lab kent drie fasen, waar staan jullie nu?
In juni hebben we fase één afgesloten met een tweedaagse bijeenkomst die ook de start van fase twee was. In de eerste fase is heel veel intensief werk gedaan om een basis te bouwen en de deelnemers verbindingen te laten leggen. In fase twee draait het om prototypes. De deelnemers gaan in teams aan de slag met prototypes voor het landbouw- en voedselsysteem en de veranderingen die daarin nodig zijn. Op 24 september hebben we een labdag waarop de deelnemers weer bij elkaar komen. In maart volgende jaar hebben we een tweedaagse gepland, dat noemen we een summit, dus eigenlijk een soort top, waarop we een veel grotere groep mensen uitnodigen om te komen kijken naar wat er in het lab gebeurt. Ze kunnen dan ook zien hoe de prototypes beginnen uit te kristalliseren en zich misschien ideeën vormen over waar die hun voedingsbodem gaan vinden.

Als je denkt aan de effecten van het innovatielab, zie je dan uiteindelijk ook beleidsmaatregelen voor je?
Door te werken aan jezelf en jouw rol binnen dat landbouw- en voedselsysteem, verander je al iets als deelnemer. Je kunt niet naar een systeem kijken en het willen veranderen zonder te erkennen dat je daar zelf ook onderdeel van bent. Jouw eigen verandering gaat zich manifesteren in alles wat je doet vanaf het moment dat je jezelf dat realiseert. Ik denk dat de overschatting van het effect van een maatregel heel groot is ten opzichte van het potentieel dat ligt besloten in mensen zelf, als die iets op een andere manier willen. Ik denk dat het effect van tachtig mensen uit het landbouw- en voedselsysteem die beseffen dat ze het anders willen doen veel groter is. Zeker als ze ook nog eens een groep om zich heen hebben die dat ook wil en met wie ze kunnen samenwerken.

In dat opzicht zouden tachtig mensen die actief hebben gereflecteerd op hun rol in het landbouw- en voedselsysteem effectiever kunnen zijn dan een maatregel?
Niet altijd. Maar ik denk wel dat de verhouding heel scheef is tussen het belang dat wij hechten aan voor ons begrijpbare concrete resultaten en wat er gebeurt als je een groep mensen helpt de bredere context te zien van wat zij doen en ze helpt om zelf stappen te zetten. Wij richten ons in een ministerie van oudsher bijvoorbeeld heel erg op de nota of de wetsaanpassing, op inderdaad hele concrete producten, terwijl ik denk dat het effect van een groep mensen die anders doet, ook bijzonder groot kan zijn, zeker bij een complexe transitie zoals die nodig is in het landbouw- en voedselsysteem. Dus daarop richten wij ons in het innovatielab.

Meer weten?
Bekijk de video over de tweedaagse in juni voor een inkijkje in het lab. Meer informatie over het innovatielab Voor de oogst van morgen vindt u op deze pagina.

 

0  Reacties

Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving
Rijnstraat 8 | 2515 XP | Den Haag
Postbus 20901 | 2500 EX | Den Haag

Telefoon: 070 456 89 99
E-mail: info@overlegorgaanfysiekeleefomgeving.nl